Praktisch
Lengte:
4,6 km
Coördinaten:
59.524359, 15.129931
Er is niets leuker dan je eigen nieuwe woonomgeving verkennen. Wat is er allemaal te zien? Hoe verlopen de seizoenen? Wat zijn de mooiste natuur- en cultuurpareltjes in de directe omgeving? In deze blog nemen wij je mee tijdens het wandelen in het dal van de wilde Järleån.
Sinds we in de gemeente Nora wonen, in het hart van Zweden, merken we dat we precies op een grensgebied zitten. Het is namelijk een plek waar je de bewoonde wereld en het gecultiveerde land achter je laat en de echte wildernis instapt. Dat heeft als grote voordeel dat we van twee walletjes eten: aan de ene kant de ongerepte, uitgestrekte bossen en aan de andere kant de cultuurhistorische, kleinschalige landschappen.
Natuurreservaat Järleån
We gaan op ontdekking bij de Järleån (spreek uit Jerleon), een rivier die van het meer Norasjön naar het Väringen bij Frövi stroomt. In dit natuurreservaat vind je een stroomversnelling van maar liefst 1200 meter lang. Er is in heel Zuid- en Midden-Zweden zelfs geen tweede van. Juist nu in het voorjaar, door de smeltende sneeuw en de regen van de afgelopen tijd, dendert het water daarom met een enorme vaart door het dal.
De hele vallei is gevormd tijdens de laatste ijstijd, meer dan 12.000 jaar geleden. Toen het ijs wegsmolt, lag dit stuk van Zweden nog onder de zeespiegel. Het ijs liet dikke lagen grind, zand en klei achter op de bodem. Doordat het land langzaam omhoog kwam, is hier in de loop der jaren uiteindelijk deze rivier ontstaan die het dal heeft uitgesleten.
Voorjaarsflora
In dit deel van Zweden zie je vooral naaldbomen, maar in het dal van de Järleån vind je opvallend veel loofbos. Dat komt voornamelijk door de voedselrijke bodem. Vroeger werden delen van het reservaat gebruikt als hooiland en weide voor het vee, en nog steeds grazen er in de zomer runderen. Vanuit die weides sijpelen bovendien overal kleine stroompjes richting de rivier.
Het wandelen in het dal van de wilde Järleån is hier een echt avontuur. Het pad loopt namelijk onderaan de helling, vlak langs het water. Je klautert over boomstammen, loopt over vlonderbruggetjes en moet daarnaast flink wat trappen op en af. Op de hellingen staat de bodem in april helemaal vol met typische voorjaarsflora: de witte bosanemonen met hier en daar leverbloempje (in Zweden blauwe bosanemoon genoemd). In de drassige hoekjes bij de beekjes moet je echter even goed zoeken, maar daar zie je nu ook de eerste bloemetjes van het paarbladig goudveil verschijnen.
Bevers en bloemen
Aan de voet van een beek is een bever druk bezig geweest de regie van het gebied in eigen hand te nemen. Het is een indrukwekkend gezicht: overal liggen omgeknaagde bomen, waaronder flinke sparren (die ze normaal overslaan) die met precisie tegen de vlakte zijn gewerkt. Met de aanleg van dammen verhoogt de bever de waterstand en laat hij bovendien een deel van het bos onderstromen.
Even verderop, op een graslandje vol hakhoutstoven die ook door de bever zijn gevormd, staan de rode peperboompjes in bloei. Een kleine vos (vlinder) maakt dankbaar gebruik van de bloemen. Het is tevens de plek waar we onze allereerste levendbarende hagedis in Zweden spotten, die onbeweeglijk aan de voet van een struikje van de voorjaarszon ligt te genieten.
Sporen van de ijzerindustrie
Terwijl we de rivier blijven volgen, speuren we het water af naar de waterspreeuw. Die laat zich vandaag helaas niet zien, maar een brilduiker vliegt steeds een stukje voor ons uit. De kracht van de Järleån trok vroeger overigens niet alleen vogels aan; in de 16e eeuw was dit stromende water ook de motor achter de lokale ijzerindustrie.
De omgeving groeide hierdoor uit tot het belangrijkste centrum voor ijzersmelting in de wijde omgeving, een industrie die hier tot 1920 standhield. Hoewel de molens langs dit deel van de route zijn verdwenen, vind je stroomopwaarts nog wel de resten van de Hammarby-molen. Stroomafwaarts staat de Järle-molen er zelfs nog precies zo bij als vroeger. Deze molen bleef zelfs tot 1970 in bedrijf en is nog in oorspronkelijke staat. Je kunt ook van molen naar molen wandelen, maar dan loop je via dezelfde weg terug.
Meer info
Voor wandelaars die zelf willen wandelen in het dal van de wilde Järleån of de rest van de regio willen verkennen, biedt Visit Nora uitgebreide informatie over de wandelroutes en natuurreservaten in de omgeving van de Järleån. Op hun website vind je alle praktische details die je nodig hebt voor een bezoek aan dit gebied. Meer informatie is te vinden op de website van Visit Nora.
Järleån nature reserve
In the Järleån nature reserve, near Nora in Sweden, the landscape changes noticeably as soon as you step onto the trail. The river thunders through a deep valley formed by melting glacial ice over 12.000 years ago. Especially in spring, the power of the water is immense. The path along the rapids is a true adventure; you scramble over tree trunks and cross small streams via narrow boardwalks.
While the slopes turn white with wood anemones, you can see along the banks how beavers reshape the area with enormous dams. Beside this natural dynamism, the area breathes history. In the 16th century, the river was the engine behind the local iron industry. The Järleån valley is a place where that rich history and the power of nature are still palpable everywhere today.
Naturreservat Järleån
I naturreservatet Järleån, nära Nora, förändras landskapet märkbart så snart du kliver på stigen. Ån dundrar genom en djup dalgång som formades av smältande inlandsis för över 12 000 år sedan. Särskilt på våren är vattenkraften enorm. Stigen längs forsarna är ett riktigt äventyr; du klättrar över trädstammar och korsar små bäckar via smala spänger.
Samtidigt som sluttningarna färgas vita av vitsippor kan du längs stranden se hur bävrarna formar om området med enorma dammar. Utöver den naturliga dynamiken andas området historia. På 1500-talet utgjorde ån motorn i den lokala järnindustrin. Järleåns dalgång är en plats där den rika historien och naturens kraft än idag är märkbar överallt.